Proefrit Daihatsu Cuore

Sinds ik mijn rijbewijs heb gehaald heb ik in drie verschillende auto’s gereden: een Volkswagen Golf Plus tijdens mijn rijlessen, een Citroën C8 van mijn vader, en een Opel Corsa van mijn moeder. De Corsa is van de generatie die tussen 1993 en 2000 werd verkocht en is in mijn ogen een matige auto. Ik dacht na over welke auto in het A-segment ik zou willen gebruiken als de Corsa vervangen zou moeten worden. De Toyota Aygo, Peugeot 107 en Citroën C1 drieling zijn populaire keuzes in het A-segment. Deze drie auto’s zijn ontworpen door een joint venture van Toyota en PSA, en zijn technisch vrijwel identiek. Mijn voorkeur gaat echter uit naar de Daihatsu Cuore, omdat Autoweek in hun test deze auto prees voor het goede ruimtegebruik.

Omdat ik een rijbewijs heb leek het mij leuk om eens een proefrit te gaan maken om de Cuore zelf te kunnen beoordelen. De verschuifbare en in delen neerklapbare achterbank is inderdaad geweldig, en geeft maximale beenruimte of maximale bagegeruimte. Het uiterlijk van het interieur en het exterieur geef ik een voldoende, het is in ieder geval belangrijk dat het niet lelijk is. De stoelen zijn fijn, en het stuur zit niet in de weg van mijn knieën zoals in de Corsa. Ik heb niet veel te vertellen over het rijgedrag, ik heb er niet echt op gelet en het is wat mij betreft adequaat. Tot mijn verassing was de koppeling echter weinig vergevingsgezind, en sloeg de auto meerdere malen af omdat ik mij niet had aangepast aan deze auto. Verder viel mij op dat de motor luidruchtig is, ook al heeft de motor een cylinderinhoud van 1 liter en levert deze 51 kW. De verkoper vertelde mij dat het echter het typische driecylindergeluid is.

Het verschil tussen de Cuore en de Corsa is groot. De Corsa heeft voorzover ik weet helemaal geen airbags, terwijl de Cuore standaard airbags voorin heeft en ook nog optioneel zij-, knie- en gordijnairbags biedt. De Cuore is lichter, verbruikt bijna 1,5 liter minder benzine, heeft meer vermogen en accelereert veel sneller dan de Corsa. Dat zegt meer over de verbetering van auto’s in het algemeen dan de kwaliteit van de Corsa.

Desondanks heb ik wel een aantal punten van kritiek. Electronic Stability Control (ESC) is een dure optie van € 1.499 op de Premium uitvoering, en alleen mogelijk in combinatie met de optie voor lichtmetalen velgen. Dat is belachelijk, want ESC is een zeer belangrijke innovatie op veiligheidsgebied. Het zou standaard moeten zijn op alle auto’s, en ieder geval geen veel te dure optie.

De mogelijkheid dat een auto met een handmatige transmissie afvalt omdat de koppeling niet goed wordt bediend vormt een groot probleem voor de gebruiksvriendelijkheid van een auto. De Cuore is ook leverbaar met een automatische transmissie, maar die heeft een fors hoger verbruik van 1,1 liter. Dat is een gemiste kans, want de Aygo, 107 en C1 zijn leverbaar met een semi-automatische transmissie. Als ik het goed begrepen heb is die transmissie een handbak die zowel handmatig als automatisch kan worden bediend, en hebben de uitvoeringen met die transmissie geen koppeling. Een Aygo met een semi-automatische transmissie verbruikt maar 0,1 liter extra in vergelijking met de handmatige transmissie, en kost ongeveer € 600 extra. Toyota heeft een meerderheidsbelang in Daihatsu, waarom kan Daihatsu dan niet de semi-automatische transmissie gebruiken van Toyota en de waardeloze automatische transmissie die nu wordt gebruikt dumpen?

Wat ook opvalt is dat alle auto’s geen start-stop systeem hebben, terwijl dat toch een goede manier zou zijn om zeker in stadsverkeer brandstof te besparen. Gelukkig laat Fiat zien dat het beter kan, de nieuwe Fiat 500 voor het modeljaar 2009 heeft in alle uitvoeringen een start-stop systeem standaard inbegrepen, en is ook zonder meerprijs te krijgen met de semi-automatische Dualogic transmissie. Wat opvalt is dat de Dualogic transmissie 0,2 liter minder verbruikt dan de handmatige transmissie. Jammer dat de Fiat 500 meer een fashion statement is dan een praktische auto, de 500 is net iets duurder, zwaarder, onzuiniger, langer en trager dan de Cuore, en heeft maar drie deuren en een inëfficient gebruik van ruimte. Desondanks wil ik ook een proefrit maken in de 500.

Voor de Smart fortwo geldt hetzelfde, hoewel zij het geen start-stop systeem noemen maar de misleidende naam “micro hybrid drive” gebruiken. De fortwo is echter maar 0,1 liter zuiniger dan een Cuore, heeft 17 seconden nodig om van 0 naar 100 km/u te acceleren versus 11 voor de Cuore, en heeft natuurlijk maar ruimte voor twee personen en minder bagageruimte. De fortwo komt nog slechter uit de vergelijking met de Cuore dan de 500 en heeft ook weinig praktische waarde, het enigste voordeel is dat de fortwo iets meer dan € 1000 goedkoper is. Afhankelijk van het perspectief kan de kleine omvang van de fortwo echter een voordeel zijn, de fortwo is 2,7 meter lang en de Cuore 3,5 meter. Toch is de fortwo 10 kilo zwaarder dan de Cuore. Maar ik kan erg weinig situaties bedenken waarin de beperkte afmetingen van de fortwo van pas komen.

De geweldige manier waarop de Cuore ruimte benut maakt het tot mijn favoriet voor het A-segment, ondanks de nadelen die ik heb genoemd. Hopelijk gaat Daihatsu in de toekomst een start-stop systeem en een betere transmissie leveren, dan is deze auto pas echt een schot in de roos. Morgen ga ik een proefrit maken in de Škoda Octavia met DSG-transmissie helemaal bij de importeur in Leusden. Ook wil ik de Škoda Superb eens goed gaan bekijken.

Eén gedachte over “Proefrit Daihatsu Cuore”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *