De zoektocht naar nieuwe fietsen

In mijn vorige post schreef ik waarom wij een elektrische bakfiets hebben gekocht, de Gazelle Makki. Voor degenen die ook een elektrische bakfiets zoeken en een budget hebben van rond de € 5.000 kan ik deze bakfiets van harte aanbevelen. Vergelijken met een Urban Arrow Family heeft de Makki een riem in plaats van een ketting (minder onderhoud en gaat langer mee), is de achterdrager standaard aanwezig en is de vering beter. De bak waar de kinderen in zitten lijkt ook iets breder en de kinderen kunnen er zelf in klimmen. Qua prijs is de Makki ook iets voordeliger dan de Family. Wat ook meespeelde is dat de Makki de winnaar is in de categorie bakfietsen van de AD Fietstest uit 2021.

Ik schreef dat ik naast de bakfiets ook op zoek was naar een elektrische stadsfiets voor Stephanie. Inmiddels twijfelt zij en heeft zij besloten om voorlopig toch de auto te blijven gebruiken voor woon-werkverkeer. Toch wil ik graag reflecteren op de criteria die ik hanteerde in mijn zoektocht. Het ontwerp moet er goed uitzien, maar de fiets moet ook praktisch zijn. De batterij moet dus geïntegreerd zijn in het frame, de koplamp moet geïntegreerd zijn in het frame (een koplamp die los van het frame is gemonteerd beschadigt makkelijker in een fietsenrek en ziet er minder mooi uit), er moet riemaandrijving zijn en tenslotte ook een achterdrager.

Veel elektrische fietsen vallen dan af omdat ze een batterij op de achterdrager hebben. Veel ontwerpen vind ik in het algemeen ook erg lelijk. Als ik mij laat leiden door de winnaars van de AD Fietstest kom ik uiteindelijk uit op twee fietsen: de Decatt Zoom voor € 2.650 en de Gazelle Ultimate C8+ HMB Belt voor € 3.700. Zowel Decatt als Gazelle zijn Nederlands.

De Decatt voldoet perfect aan alle criteria en is ook nog redelijk betaalbaar. Het enige lastige is dat er voor deze fiets maar drie fysieke verkooppunten zijn in Nederland. Lastig als je een testrit wilt en potentiëel een probleem bij garantiekwesties of groter onderhoud. De Gazelle zou daarom mogelijk een veiligere keuze zijn omdat onze lokale fietsenmaker deze verkoopt. Onze fietsenmaker zou dus meer mogelijkheden hebben om problemen met die fiets op te lossen. Het ontwerp van de Gazelle ziet er goed uit, maar het valt op dat de koplamp op het stuur is bevestigd. Hoewel dit een onconventionele keuze is ziet dat er toch stijlvol uit. Maar vergeleken met de Decatt lijkt de extreme meerprijs van de Gazelle niet te rechtvaardigen. Ik zie namelijk niet zo veel verschillen tussen de twee fietsen in functionaliteit en kwaliteit.

Ik heb ook gekeken naar de fietsen van VanMoof. Over de S3 heb ik recensies gelezen die minder prijzend waren. Het is maar de vraag in hoeverre VanMoof de problemen heeft opgelost met hun nieuwste fiets, de S5. Wel denk ik dat het de mooiste elektrische fiets is, met zijn minimalistische ontwerp. Op een prijspunt van € 2.500 zou ik echter wel een riemaandrijving verwachten. Het gebrek daar aan is nog overkomelijk, maar een achterdrager die standaard ontbreekt maakt de casus voor deze fiets nog lastiger. Stel je maar voor hoeveel zweet er op je rug staat als je op een warme dag een rugzak de hele tijd op je rug moet dragen. Een achterdrager is wel verkrijgbaar als accessoire voor € 60, maar daar kan bijvoorbeeld geen kinderstoel op. Het grootste probleem van deze fiets is wellicht dat de batterij niet uitneembaar is. Dan wordt het echt een lastig verhaal als je deze fiets niet dichtbij een stopcontact kunt stallen. Ten slotte kan onderhoud blijkbaar alleen worden uitgevoerd door een beperkt aantal VanMoof verkooppunten.

Voor mijzelf wil ik mijn gewone stadsfiets, een Gazelle Paris C7 uit 2016, binnenkort ook vervangen door een nieuwe niet-elektrische stadsfiets. Dat wordt de Union Lite, welke voor € 1.000 te koop is. Het valt mij dan toch wel op dat het prijsverschil met elektrische fietsen nog zo groot is. De Union Lite heeft net als de eerder genoemde fietsen ook een riemaandrijving, terwijl mijn huidige fiets een ketting heeft. Ik ben ook erg gecharmeerd van het minimalistische ontwerp van deze fiets, welke ook verlichting heeft die mooi in het frame is geïntegreerd. Het feit dat zowel de koplamp als het achterlicht allebei op de naafdynamo werken is een van de belangrijkste redenen om deze fiets te kopen. Ik ben het gedoe met het vervangen van de batterijen voor het achterlicht zat, zeker in de wintermaanden. Ik wordt dan iets te vaak verrast door batterijen die sneller leeg zijn dan ik had verwacht. Dat komt mijn veiligheid in het verkeer niet ten goede.

Toch heb ik wat beperkte kritiek op de ontwerpkeuzes van deze fiets. Er kan geen kinderstoel op de achterdrager en het maximale gewicht van de achterdrager is maar 15 kilo (net als bij de VanMoof S3). Een veel goedkopere Gazelle Espirit biedt voor een prijs van € 550 al een achterdrager die 25 kilo kan hebben en wél een kinderstoel accepteert. Merkwaardig genoeg is diezelfde Espirit ook iets lichter dan de Lite, 16,9 kilo tegen 18,4 kilo. Ik zou juist verwachten dat de duurdere Lite lichter zou zijn omdat die in de markt wordt gezet als minimalistisch. En de Espirit heeft dan ook een koplamp die geïntegreerd is in het frame én een achterlicht dat op de naafdynamo werkt. De enige reden om toch voor de Union te gaan is dan de riemaandrijving.

Ik heb uiteindelijk besloten om begin juni de Lite kopen. Ik heb het geluk dat mijn werkgever, het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenhied, € 500 bijdraagt voor de aankoop van een fiets voor woon-werkverkeer. De overige € 500 kan ik betalen met mijn Individueel Keuze Budget van mijn werkgever, wat wordt ingehouden van mijn bruto salaris. Zo bespaar ik € 235 aan inkomstenbelasting. Als ik mijn oude Gazelle Paris C7 dan voor meer dan € 265 kan verkopen, verdien ik zelfs aan mijn nieuwe fiets!

De noodzaak van elektrische fietsen

De laatste tijd valt mij op dat ik steeds meer elektrische fietsen (we hoeven ze echt geen ‘e-bikes’ te noemen) zie rijden. Wij doen er zelf ook aan mee. Wij hebben een elektrische bakfiets gekocht, de Gazelle Makki, om onze kinderen te vervoeren. Voorheen gebruikten wij namelijk een gewone (niet elektrische) stadsfiets met een kinderstoel op de achterdrager voor de oudste dochter en een kinderstoel aan het stuur voor de jongste. De jongste werd echter te groot voor de kinderstoel voorop. Dat maakte een bakfiets de enige optie om met één volwassene twee of meer kinderen te vervoeren.

Stephanie moet elf kilometer afleggen naar haar werk en overweegt nu ook een elektrische fiets te kopen zodat ze niet meer de auto hoeft te gebruiken. Gezonder, duurzamer en goedkoper vanwege de hoge benzineprijzen. Ze fietst ook niet zo snel en is bang bezweet op haar werk te komen met een gewone fiets. Zelf heb ik acht kilometer naar mijn werk af te leggen en blijf ik dat doen op een gewone fiets.

Behalve het vervoer van kleine kinderen en woon-werkverkeer dat voorheen met de auto werd gedaan is er natuurlijk ook een grote groep ouderen die profiteert van de elektrische fiets. Ongeveer vijfentwintig jaar geleden reed mijn oma van over de zeventig regelmatig meerdere kilometers op haar normale fiets. Dat was in een tijdperk dat elektrische fietsen nog niet populair waren. Niet iedere oudere heeft dus een elektrische fiets nodig. Toch zal een groot deel van hen dankzij een elektrische fiets nu wel kunnen fietsen. Voorheen konden zij dat niet doen omdat een normale fiets voor hen te zwaar zou zijn geweest. Ook is er een groep mensen met handicaps voor wie hetzelfde geldt, zoals mensen met slechte knieën of andere beperkingen.

Toch denk ik dat de trend van elektrische fietsen soms te ver gaat. Kinderen die naar school moeten rijden leggen over het algemeen geen grote afstanden af en zijn fit genoeg, die hebben echt geen elektrische fiets nodig. Ik zie ook twintigers en dertigers op een elektrische fiets waarvan ik mij afvraag of ze echt de grote grote afstanden afleggen die een elektrische fiets wenselijk maken. Voor die groep lijkt een elektrische fiets eerder een vervanger voor een normale fiets dan voor de auto.

Dit is geen goede zaak omdat we midden in een klimaatcrisis en een gezondheidscrisis zitten. Elektrische fietsen gebruiken weliswaar weinig elektriciteit in vergelijking met wat een huishouden per dag verbruikt en zeker minder vergeleken met een elektrische auto, maar ieder Wattuur wat onnodig is verbruikt is er een te veel. Daarnaast zorgen elektrische fietsen door hun hogere snelheid vaak ook voor minder veilig verkeer. Laten wij kritisch zijn en ons goed afvragen of een elektrische fiets echt nodig is. Mijn dochters krijgen later echt geen elektrische fiets om naar school te fietsen.

Nieuwe dieptepunten in de Russisch-Oekraïense Oorlog

Het is nooit in mij opgekomen dat ik willekeurig zou kunnen worden doodgeschoten op straat. Wanneer ik op mijn fiets naar mijn werk rijd, of wanneer ik een zak aardappels heb gehaald bij de supermarkt. De dode mannen op de foto’s van het Bloedbad van Boetsja konden zich dat blijkbaar ook niet voorstellen. Ik zag die foto’s van Oekraïners die dood naast hun fiets en hun groenten lagen. Het waren maar enkele van de slachtoffers van het Russische leger die niet de luxe hadden om in een massagraf te eindigen. Het maakte me laaiend.

Het was niet echt een verrassing, na het nieuws dat de Russen regelmatig ziekenhuizen en kinderopvangcentra beschieten. Na het nieuws van grootschalige diefstal van eigendommen en verkrachtingen van minderjarige Oekraïners. De Russen zijn geen bevrijders, maar een plunderende bende wilden. Zij zijn verre van het bevrijden van de Oekraïners van een nazi-regime, ze gedragen zich zelf als nazi’s.

Terwijl de Russische oorlogsmisdaden mij kwaad maken, doet de Westerse terughoudendheid om Oekraïne bij te staan dat ook. Het is verbazingwekkend dat er nog steeds geen sancties zijn tegen de import van Russisch gas, olie en kolen. Zeker, met name Duitsland zou wel eens hard geraakt kunnen worden door een importverbod op Russisch gas. Er zal misschien discussie zijn over de ernst daarvan, of het beheersbaar is of niet. Ik ben er echter zeker van dat het niet te vergelijken is met de vernietiging die Oekraïne heeft geincasseerd. In Oekraïne is $100 miljard aan infrastructuur vernietigd in minder dan een maand na de Russische invasie. Dat is meer dan de helft van het BNP van Oekraïne. We moeten bereid zijn om in de economische pijn te delen in deze oorlog. Die sancties hadden al weken geleden moeten zijn afgekondigd omdat de afhankelijkheid van Russisch gas ons er van weerhoudt om Oekraïne serieus te steunen. Met serieuze steun bedoel ik geen sancties en wapenleveranties aan Oekraïne. Nu staan we erbij en kijken er naar.

Wij zouden in een wereldorde leven waarin wij conflicten vreedzaam oplossen en aanvalsoorlogen veroordeeld worden. Het eerste artikel van het Handvest van de Verenigde Naties leest als volgt:

De doelstellingen van de Verenigde Naties zijn:

1. De internationale vrede en veiligheid te handhaven en, met het oog daarop: doeltreffende gezamenlijke maatregelen te nemen ter voorkoming en opheffing van bedreigingen van de vrede en ter onderdrukking van daden van agressie of andere vormen van verbreking van de vrede, alsook met vreedzame middelen en in overeenstemming met de beginselen van gerechtigheid en internationaal recht, een regeling of beslechting van internationale geschillen of van situaties die tot verbreking van de vrede zouden kunnen leiden, tot stand te brengen;

De VN hebben verschrikkelijk gefaald in dit opzicht. Rusland heeft Oekraïne aangevallen onder internationaal protest, maar alleen de Westerse VN-leden hebben serieuze sancties ingesteld tegen Rusland. Als het VN haar Handvast niet handhaaft, als het niets doet tegen deze schaamteloze aanvalsoorlog en de oorlogsmisdaden, is het duidelijk dat agressors de VN gewoonweg kunnen negeren.

The VN zou hervormd moeten worden om meer effectief te zijn. Uiteraard moet de VN Veiligheidsraad met haar vetomacht afgeschaft worden. Als we het VN Handvest serieus nemen zou een aanvalsoorlog moeten resulteren in een automatische oorlogsverklaring van alle VN-leden aan de agressor. Ongeveer vergelijkbaar aan Artikel 5 van het Noord-Atlantisch Verdrag wat de basis is van de NAVO. Ik weet dat dit problematisch is omdat er precedenten zijn geweest. De VS hebben de VN ook genegeerd toen het de Irakoorlog begon, bijvoorbeeld. Ik denk dat het non-agressie principe voor iedereen zou moeten gelden, inclusief het Westen. Misschien zou alleen de VN invasies moeten autoriseren in speciale gevallen zoals genocide, zoals bijvoorbeeld in Rwanda of voormalig Joegoslavië gebeurde.

De VN doen hun werk niet en de NAVO kan niets doen omdat Oekraïne geen lid is. De individuele Westerse staten, met name de VS, zijn onze laatste hoop. Als een wereldorde gebaseerd op non-agressie het niet waard is om te verdedigen, wat is er dan nog wel het verdedigen waard? Wij zouden meer vernietiging in Oekraïne niet moeten afwachten voordat wij ingrijpen. Het feit dat Rusland zonder provocatie Oekraïne binnenviel is al voldoende reden voor Westers militair ingrijpen in Oekraïne. Alle andere alternatieven zijn laf en egoïstisch. Russische dreigementen met kernwapens zouden geen excuses mogen zijn om niet in te grijpen; we zijn verloren als Rusland met alles weg kan komen zolang het maar dreigt met de inzet van kernwapens. Wij hebben ook kernwapens. Wij moeten niet rusten tot al die smerige Russische kindermoordenaars op de vlucht zijn gejaagd van Oekraïense bodem en het land is hersteld naar haar grenzen van voor 2014.

Nu we het toch hebben over wapenleveranties aan Oekraïne, kunnen we ook wat kruisraketten sturen? Ik zou het geweldig vinden als die worden gebruikt om de 19 kilometer lange Krimbrug in de as te leggen. Deze werd gebouwd door de Russen na de annexatie van de Krim voor $3,7 miljard. Het platgooien van die brug zou de score in schade aan infrastructuur dus wat meer gelijk trekken en het Russische prestige krenken. Geef gewoon een waarschuwing vooraf zodat niemand geraakt wordt als ze de brug over rijden.

Om Rusland te stoppen moet het Westen de inzet verhogen

Twee dagen geleden stuurde Rusland troepen naar de zelfverklaarde volksrepublieken van Donetsk en Loehansk. Rusland dreigde Oekraïne al maanden met militair conflict. Het beschuldigde het Westen van onrust stoken toen Westerse leiders zeiden dat een Russische invasie van Oekraïne op handen was. Tegelijkertijd verzekerde het ons dat het niet uit was op een militair conflict en dat het haar troepen zou terugtrekken. Het was niet verrassend dat het Russische leiderschap weer eens aan de lopende band loog.

Ik heb eerder geschreven over hoe het Westen omging met Rusland, rond April vorig jaar. Toen bedreigde Rusland Oekraïne met een massale opbouw van troepen langs de grens voor een aantal weken, maar besloot het uiteindelijk deze terug te trekken. Toen schreef ik al dat het Westen Rusland te zacht behandelde. Deze keer is het antwoord van het Westen harder en stelde het dat de sancties zwaarder worden. De Nord Stream 2 gaspijplijn annuleren en Rusland afsnijden van SWIFT, het internationale transactiesysteem voor banken, is niet licht op te vatten. Er werden ook wapens naar Oekraïne verscheept om een invasie kostbaarder te maken voor Rusland. Echter, de boodschap van het Westen was nog steeds dat als er toch een invasie komt, Oekraïne er alleen voor staat.

De weigering om Oekraïne direct militair te steunen is laf. De Russische dictator Poetin is niet onder de indruk van de sancties die ik net noemde, ook al zijn ze zwaarder dan voorheen. Zijn berekening is dat hij ze kan incasseren en dat ze wel weer overwaaien, net als voorheen na de invasie van de Krim. Zelfs als Rusland afgesneden wordt van SWIFT en Nord Stream 2 wordt geannuleerd zal Europa nog steeds Russisch gas willen afnemen. Poetin heeft nooit serieuze tegenstand van het Westen gekregen en kan de spanningen escaleren zoals hij wil. Als de-escalatie niet werkt bij hem, moet het Westen zelf beginnen met escaleren. Iedere actie die het Westen neemt moet Poetin bedreigen met significante negatieve uitkomsten. Als het Westen vrede wil, moet het zich voorbereiden op oorlog; si vis pacem, para bellum.

Dit is wat ik zou doen. Allereerst zou het Westen troepen op Oekraïense bodem moeten stationeren. Vertel de Russen gewoon dat het voor een militaire oefening is en dat ze zich geen zorgen hoeven te maken. Net als de Russen ons hebben verteld toen zij hun troepen aan de grens van Oekraïne opbouwden. Het doel is om niet om een militair conflict te starten, maar om Rusland er van te weerhouden verder Oekraïne in te trekken. Als Rusland dat wel zou doen zou het een grote oorlog met het Westen riskeren. Dat zou Poetin niet willen riskeren. Ik ben het zat om constant dat excuses te horen dat we Oekraïne geen directe militaire hulp kunnen geven omdat het geen NAVO-lid is; niets houdt Westerse staten tegen om op individuele basis troepen naar Oekraïne te sturen in plaats van via de NAVO.

De volgende stap is dat het Westen moet stoppen met de terughoudendheid om Oekraïne NAVO-lidmaatschap aan te bieden, ook al bezet Rusland delen van het land. Dreig Rusland dat Oekraïne lidmaatschap wordt aangeboden als het geen stap terug neemt. NAVO-lidmaatschap van Oekraïne is immers exact wat Rusland wil vermijden.

Uiteindelijk moet Rusland bedreigd worden met twee absoluut verpletterende sancties: het sluiten van de Bosporus en de Deense zeestraten voor alle scheepvaart van en naar Rusland. Omdat de grootste havens en marinebases van Rusland in de Baltische Zee en de Zwarte zee liggen, zou dat vernietigend zijn voor haar economie en haar marine nutteloos maken. Deze maatregelen zijn uitvoerbaar, zelfs de Øresund tussen Denemarken en Zweden is niet breder dan vier kilometer op het nauwste punt. Natuurlijk, het zou wel vereisen dat het Verdrag van Montreux en het Verdrag van Kopenhagen bij het oud papier worden gegooid. Die verdragen maakten deze zeestraten namelijk internationale waterwegen die open zijn voor iedereen. Maar zowel Turkije als Denemarken zijn NAVO-lidstaten die nu geen goede verstandhouding hebben met Rusland. Alleen Zweden is geen NAVO-lid, maar zij kunnen misschien overtuigd worden.

Natuurlijk zou het Westen Rusland moeten verleiden om stappen terug te nemen door een aantrekkelijk compromis voor te stellen. Een compromis dat Rusland zou kunnen accepteren zonder gezichtsverlies. Dit compromis zou inhouden dat Rusland zich terugtrekt van het land dat het bezet in Oekraïne en Georgië. In ruil daarvoor wordt Rusland beloofd dat Oekraïne en Georgië geen NAVO-leden worden. Rusland krijgt ook gratis pacht voor haar marinebasis in Sebastopol (in de Krim) voor zoiets als vijftig jaar. Het pachtte de marinebasis daar al voordat de pro-Westerse revolutie in Oekraïne plaatsvond. Natuurlijk zouden meer gedetailleerde overeenkomsten over wapenbeheersing en beperkte stationering van troepen aan de grenzen van NAVO-leden en Rusland daar ook deel van moeten uitmaken. De eerder genoemde dreigementen die Rusland moeten bewegen om bakzeil te halen zouden achter gesloten deuren overlegd moeten worden. Dan wordt Rusland niet in het openbaar vernederd. Rusland kan dan de winst die zij uit het compromis haalt met opgeheven hoofd presenteren.

Onnodig ‘woke’ taalgebruik bij de NOS

Naast de Volkskrant lees ik ook de NOS website en app voor mijn dagelijkse nieuws. Recent is mij opgevallen dat hun redactie een klap van de woke-molen heeft gekregen. Zie de e-mail die ik naar hen schreef hieronder.

Geachte heer/mevrouw,

Vandaag las ik dit nieuwsbericht. De eerste zin van het bericht luidt: ‘Archeologen hebben bij opgravingen in Pompeï een kamer blootgelegd waar volgens hen tot slaaf gemaakten hebben geleefd.’

Op deze pagina van jullie lees ik ‘Ook volgen we nauwlettend taalkwesties die onderdeel zijn van discussies in de samenleving. Zo heeft maatschappelijk debat ertoe geleid dat we ook bij de NOS bij voorkeur spreken van tot slaaf gemaakte in plaats van slaaf…’

Welk probleem wil de NOS hier mee oplossen? Volgens de Van Dale is het woord ‘slaaf’ geen informeel taalgebruik of op een andere manier aanstootgevend. Enkele uitzonderingen daar gelaten, werd vrijwel niemand vrijwillig slaaf. Dat een slaaf tot slaaf gemaakt wordt, is dus zo goed als inherent aan het slaaf zijn, zoals ook uit de Van Dale blijkt. Wat is er dan mis met het woord ‘slaaf’?

Op basis van welk maatschappelijk debat hebben jullie bepaald dat het nodig is om de term ‘tot slaaf gemaakte’ te gebruiken? Met betrekking tot Zwarte Piet heb ik wel duidelijk iets meegekregen van een maatschappelijk debat. Maar kunnen we in deze kwestie ook daadwerkelijk spreken over maatschappelijk debat, of een vocale minderheid die hun zin probeert door te drukken? Ik heb zelf de indruk dat dit een kleine minderheid is van de anti-racisme lobby die veel media aandacht genereert. Maar is de zwijgende meerderheid ooit wel eens gevraagd of zij moeite hebben met het woord?

Ik heb alle begrip voor het vervangen van woorden als ‘neger’ (de Van Dale erkent dat dit woord tegenwoordig vaak als beledigend wordt ervaren), ‘blank’ en ‘negerzoenen’. Ik denk ook dat Zwarte Piet racistische stereotypen liet zien. Maar ‘slaaf’ vervangen gaat mij echt een stap te ver in woke taalgebruik. Vooral ook omdat de term ‘tot slaaf gemaakte’ tot lange en rare zinnen leidt.

De ironie is dat jullie erg inconsistent zijn in het nieuwsbericht over de opgravingen in Pompeï. Alleen in de eerste zin wordt ‘tot slaaf gemaakten’ gebruikt, elders in het artikel wordt gesproken over ‘slaven’. Of dit opzet is of nalatigheid weet ik niet, maar het is niet geloofwaardig om hierin een compromis te maken. De titel moet dan ook zijn ‘Blootgelegde kamer Pompeï toont leefomstandigheden tot slaaf gemaakten’ er moet geschreven worden over ‘tot slaaf gemaakte familie’ i.p.v. een ‘slavenfamilie’ (twee maal), over een ‘kamer van de tot slaaf gemaakten’ i.p.v. de ‘slavenkamer’ en de ‘kamer van de slaven’. Als jullie de wijzigingen doorvoeren zal misschien duidelijk worden wat voor een potsierlijk misbruik het is van de Nederlandse taal. Wellicht zal die consistentie jullie smaak voor woke taalgebruik wat indammen?

Wat gaan jullie doen? De woke term consistent doorvoeren, of toch maar het woord ‘slaaf’ gebruiken in dit artikel?

Met vriendelijke groet,
Alexander van Loon

Sinds ik mijn e-mail op 7 november heb geschreven heb ik nog geen reactie gehad. Geen idee waarom, maar het is duidelijk dat ze gezwicht zijn voor een kleine minderheid van activisten die goed zijn in aandacht genereren, zeuren en doordrammen tot ze hun zin krijgen. De wet van ‘the squeaky wheel gets the grease’, zeg maar. Laten we daarom als de meerderheid die vindt dat de term ‘tot slaaf gemaakte’ een misdaad is tegen de Nederlandse taal ook in de pen klimmen. Jullie kunnen je klachten richten aan tikfout@nos.nl zoals vermeld is op hun eigen website.

Bevolkingsuitwisseling en territoriumruil als oplossing voor Bosnië-Herzegovina

Bosnië-Herzegovina dreigt uit elkaar te vallen omdat het Servische deel van het land beweegt naar afscheiding. De Serviërs hebben zich al teruggetrokken uit het federale parlement en dreigen hun troepen uit het federale leger terug te trekken om een eigen leger te vormen. Ze willen namelijk complete autonomie in hun eigen deelrepubliek.

Toen de Bosnische Burgeroorlog werd beëindigd met het Verdrag van Dayton in 1992 werd het land een federale staat. Het werd opgedeeld in de Federatie van Bosnië en Herzegovina voor de islamitische Bosniakken en rooms-katholieke Kroaten en de Servische Republiek voor de orthodoxe Serviërs. Ik begrijp niet waarom men toen dacht dat dit zou werken. Een federale staat als België functioneert al moeilijk terwijl dat land twee bevolkingsgroepen heeft die nog met elkaar kunnen samenwerken. Het laat zich raden dat een federale staat met drie bevolkingsgroepen die elkaar haten bijzonder dysfunctioneel is. Soms moeten we erkennen dat het vuur van nationalisme te heet is en dat je geen multi-etnische staat kunt opleggen.

Het lijkt mij daarom het beste als beide deelrepublieken onafhankelijk worden en er wat territorium en bevolking wordt uitgewisseld. Dit is in het verleden wel vaker gebeurd, zoals tussen Griekenland en Turkije in 1923 na de Grieks-Turkse Oorlog. Turkije en Griekenland kwamen toen een gedwongen bevolkingsuitwisseling overeen, die christenen uit Turkije naar Griekenland en moslims uit Griekenland naar Turkije verhuisde. Met het oog van vandaag is dit een mensenrechtenschending, maar het was wel effectief in het voorkomen van etnisch conflict.

Om mensenrechten te respecteren zou dit nu met referenda gedaan kunnen worden. Ten eerste zouden beide deelrepublieken overeen moeten komen dat ze referenda houden over onafhankelijkheid. Dit zou alleen werkbaar zijn als de nu gedeelde soevereiniteit over het Brčko-district wordt toegewezen aan de Republiek. Anders zou die staat in tweeën gespleten worden en geen continue landmassa hebben. Ten noorden van het Brčko-district ligt het Posavina kanton wat weer onderdeel is van de Federatie. We moeten voorkomen dat dit een exclave zou worden van de Federatie na de onafhankelijkheid van de Republiek. Daarom zouden de inwoners van dit kanton in een referendum kunnen beslissen of zij onderdeel willen worden van Kroatië of de Servische Republiek. De inwoners van dit kanton zijn namelijk in meerderheid Kroaten.

Om een akkoord over referenda te bereiken kan de Republiek een concessie kunnen doen aan de Federatie om de districten ten zuiden van Banja Luka uit te ruilen tegen het bovengenoemde territorium. Deze districten vormen nu een flinke uitstulping in het territorium van de Federatie. Uitruil zou de landsgrenzen dus wat meer gladstrijken. Deze districten zijn in meerderheid Servisch, maar zeer dun bevolkt met maar enkele tienduizenden inwoners. De Servische inwoners kunnen op vrijwillige basis besluiten of zij willen verhuizen naar de Servische Republiek en worden financiëel gecompenseerd als zij dat doen. Vice versa geldt hetzelfde voor Bosniakken en Kroaten, ook als zij niet in gebied leven dat wordt uitgeruild.

De Bosniakken en Kroaten lijken beter met elkaar overweg te kunnen. Toch zou het ook een goed idee zijn om de gemeenten in het zuiden en zuidwesten van de Federatie in een referendum te laten kiezen of zij onderdeel willen blijven van de Federatie van van Bosnië en Herzegovina of dat zij zich willen aansluiten bij Kroatië. In deze gebieden woont namelijk een Kroatische meerderheid. Daarnaast is de zuidelijke grens van Bosnië-Herzegovina met Kroatië nu verre van optimaal. Zo is wordt de Kroatische kustlijn onderbroken door de gemeente Neum, welke onderdeel is Bosnië-Herzegovina. Dit terwijl de gemeente een grote meerderheid van Kroaten heeft.

Tegelijkertijd is er ook onrust in Kosovo over Serviërs die afscheiding willen. Daar is ook een Servische meerderheid in paar gemeenten in het noorden van Kosovo. Geef hen ook de mogelijkheid om zich uit te spreken in een referendum over aansluiting bij Servië. Kosovo kan daar tegenover stellen dat Servië dan eindelijk Kosovo zal erkennen als soevereine staat, wat Servië nu nog steeds weigert.

In het magazine Politico stellen ze dat er dan maar een NAVO-macht heen moet om verdere escalatie door de Servische Republiek en Servië te voorkomen, maar ik zie niet in hoe dat een structurele oplossing is. We moeten erkennen dat het Verdrag van Dayton een fout was en dat je onafhankelijkheidsstreven niet zomaar in de kiem kunt smoren. Je kunt niet een multi-etnische staat opleggen aan volken die niet met elkaar willen samenleven. Servië en de Servische Republiek mogen dan onverantwoordelijk zijn en de kwestie escaleren, maar het nationalistische verlangen naar een natiestaat (één staat voor één volk) is niet onredelijk. Etnisch conflict in multi-etnische staten is altijd al de rode draad geweest in de geschiedenis. Nationalisme en de vorming van natiestaten is daar vaak een goede oplossing voor geweest. Zie bijvoorbeeld de eenwording van Italië, de ondergang van het Ottomaanse Rijk, of het uiteenvallen van Oostenrijk-Hongarije en de Sovjetunie. Daar oordelen wij niet afwijzend over. In de eerste drie gevallen ging dat gepaard met oorlog, dus laten wij dat vooral op democratische wijze organiseren. Laat mij maar aan de onderhandelingstafel zitten als diplomaat!

Bestaan redelijke vaccinwijgeraars?

Afgelopen vrijdag was er een nieuwsbericht dat het aantal bedden dat wordt bezet door COVID19-patiënten weer snel oploopt. Van deze groep is ongeveer 80 procent niet gevaccineerd. Wij lezen dat dit leidt tot frustratie bij het ziekenhuispersoneel. Immers, als die patiënten zich wel hadden laten vaccineren was de kans om in het ziekenhuis te belanden veel kleiner geweest. Als zij zich wel hadden laten vaccineren, was het ziekenhuispersoneel niet zo uitgeput. Ook was het dan niet nodig geweest om zoveel andere operaties uit te stellen omdat COVID19-patiënten de IC-bedden bezet houden.

In hetzelfde nieuwsbericht staat een videoreportage over twee vaccinatieweigeraars. Ze presenteren zich als redelijke mensen met principiële bezwaren, niet de antivaxxers met complottheorieën. Maar zijn hun argumenten wel zo redelijk? Laten we deze op een rij zetten:

  1. Ik heb geen vertrouwen in langetermijngevolgen omdat die onbekend zijn.
  2. Vaccins zijn getest op gezonde mensen, terwijl ik hart- en longproblemen heb. Daarom wil ik eerst weten wat de bijwerkingen zijn.

Dan nog meer argumenten uit een ander nieuwsbericht:

  1. Ik zie COVID19 als vergelijkbaar met de Mexicaanse griep en dat heb ik ook doorstaan, ik neem ook geen griepprik en ik durf het vaccin niet te combineren met mijn reumamedicatie.
  2. Ik heb negatieve ervaringen met medicatie uit het verleden, effecten van vaccins zijn onduidelijk en na een vaccinatie ben ik nog steeds vatbaar voor COVID19.
  3. Ik ben 44 jaar en gezond. Ik denk dat het risico minimaal is dat COVID19 voor mij gevaarlijk is. Ik stap immers ook iedere dag in de auto met het minimale risico op een dodelijk ongeluk.
  4. Ik heb al COVID19 gehad en na een week was ik weer in orde zonder in het ziekenhuis te belanden. Ik denk dat de vaccins zo snel ontwikkeld zijn dat er nog onduidelijkheid is over de bijwerkingen.

De onbekende bijwerkingen op lange termijn zijn minimaal. Het vaccin is ook getest op en veilig bevonden voor mensen uit risicogroepen, inclusief hen die longaandoeningen hebben. Juist dat soort mensen lijkt mij extra kwetsbaar voor een ernstig verloop van COVID19 en hebben de meeste baat bij een vaccinatie. Idem voor de reumamedicatie. Hoewel het vaccin niet compleet beschermt, vertraagt het wel de verspreiding van COVID19. Ook degenen die al besmet zijn geweest hebben nog steeds baat bij een vaccinatie omdat onduidelijk is hoeveel weerstand is opgebouwd na een eerste infectie.

Dan de 44-jarige man die de vergelijking tussen COVID19 en een auto-ongeluk maakte. In 2020 zijn er in Nederland 60 mannen tussen de 40 en 50 jaar overleden aan het virus. Het aantal mannelijke verkeersdoden in 2020 tussen de veertig en de vijftig jaar bedroeg echter 38. Als je dan bedenkt dat maar iets minder dan een derde van de verkeersdoden in een auto zat, kom je uit op ongeveer 12 doden in die leeftijdsgroep als gevolg van een auto-ongeluk. Waarschijnlijk zullen de 60 mannelijke COVID-doden al een gebrekkige gezondheid hebben gehad in tegenstelling tot de gezonde 44-jarige, maar over de hele linie genomen is COVID19 toch een factor vier dodelijker voor deze mannen dan een autorit. Hoewel het interessant was om de precieze statistieken uit te zoeken, is het irrelevant. Mijn bezwaar tegen dit argument is namelijk dat het een slechte vergelijking is. Overlijden aan COVID19 is grotendeels te vermijden na een vaccinatie, waar je dus nauwelijks bijwerkingen aan overhoudt. Autoritten zijn voor veel mensen niet te vermijden voor woon-werkverkeer.

De argumenten van de vaccinweigeraars lijken enerzijds voort te komen uit een gebrek aan informatie. Als ik twijfels heb over medische zorg stel ik vragen aan mijn huisarts en ga ik zelf niet allerlei wilde aannames maken. Anderzijds vind ik ze soms ook domweg arrogant overkomen. Hoe weten die vaccinweigeraars nou zo zeker dat er te weinig onderzoek is gedaan naar effecten en bijwerkingen van vaccins? Zij hebben geen relevante opleiding genoten in de geneeskunde, epidemiologie of virologie en hebben er dus geen verstand van. Als je dat verstand niet hebt vertrouw je op de kennis en kunde van een specialist.

Dan is er nog een speciale categorie vaccinweigeraars die weigert op basis van religieuze overtuiging. Met name in Staphorst is de vaccinatiegraad, op Urk na, met 48% de laagste van Nederland. Niet geheel verrassend stijgt het aantal besmettingen in die gemeente het snelst en krijgt het nabijgelegen ziekenhuis in Zwolle een gigantische toestroom van COVID19-patiënten. Wat zijn hun argumenten eigenlijk?

De diep religieuze Protestantse Staphorsters die door RTV Oost zijn gesproken leggen het uit. Het komt er op neer dat de vaccinweigeraars stellen dat je op God moet vertrouwen. Hij bepaalt of wij ziek worden of niet. Een vaccin nemen om te voorkomen dat je ziek wordt is dus in strijd met vertrouwen op God. Om dezelfde reden houden ze in Staphorst niet van verzekeringen. Maar medische behandelingen met medicatie zijn dan weer wel toegestaan, omdat het voorkomen van een ziekte wat anders is dan het bestrijden van een ziekte.

Ik vind het een zeer vergaande en strenge interpretatie van de wil van God. Er staat niets in de Bijbel over de onwenselijkheid van vaccins. Ergens kan ik het nog begrijpen, maar ik vind de argumentatie toch zwak. Het maakt niet duidelijk waarom een medische behandeling niet strijdig is met vertrouwen op God terwijl een vaccin wel strijdig zou zijn. Maar dit alles is niet relevant, omdat de Bijbel naastenliefde van gelovigen vraagt. Naastenliefde voor de zorgkanjers die nog verder uitgeput raken door de toestroom van ongevaccineerden op de IC-afdeling. Voor andere patiënten die ervaren dat hun operaties continu worden uitgesteld. De vraag voor de Staphorsters is: gaat vertrouwen op God voor op naastenliefde, of andersom?

De vaccinweigeraars horen al veel kritiek van mensen die vinden dat ze asociaal zijn. Soms hebben anderen gewoon gelijk over de gevolgen van je eigenwijze en asociale keuzes. Geweldig dat de vaccinweigeraars in dit land zo principieel kunnen zijn. De medisch specialisten longgeneeskunde trekken echter aan het kortste eind met bergen onbetaald overwerk in de avond en op hun vrije dagen.

Als vaccinweigeraars zo principieel willen zijn en een vaccin weigeren, zouden ze ook consequent moeten zijn en medische zorg voor COVID19 moeten weigeren. Maar als puntje bij paaltje komt zijn deze mensen laf en hebben ze geen ruggengraat. Laten we ze daarom helpen om trouw te blijven aan hun principes door vanaf nu geen ongevaccineerden meer aan te nemen op de IC-afdeling voor COVID19. Geen levensreddende behandeling meer en gewoon aan de palliatieve sedatie leggen, oftewel verdoving, als ze de pijp uitgaan in de terminale fase van COVID19. Ik denk dat de groep vaccinweigeraars zou verdwijnen als sneeuw voor de zon met dat vooruitzicht.

De Effeuno P134H is mijn ultieme pizzaoven

In 2019 schreef ik voor het laatst over mijn zoektocht naar de ultieme pizzaoven. Ik concludeerde toen dat ik een ‘gewone’ elektrische inbouwoven zou kopen, de AEG BPB351020M, die 300 °C kon aantikken. Dit zou een verbetering zijn ten opzichte van mijn huidige inbouwoven die maar 230 °C haalt. Enige tijd later ontdekte ik echter de Effeuno P134H, een vrijstaande elektrische oven die 450 °C haalt. Dit is de oven die ik uiteindelijk heb gekocht en waar ik zeer tevreden mee ben.

De AEG BPB351020M was zeker beter geweest dan mijn huidige inbouwoven, maar lang niet zo goed als P134H. Een verschil van 150 °C is veel en 450 °C is de temperatuur die ook gehaald wordt door de houtgestookte steenovens van goede pizzeria’s. Net als in zo’n steenoven bakt de P134H pizza’s in 90 seconden, ideaal voor goede kwaliteit Napolitaanse pizza. Het stelt je ook in staat om grotere groepen mensen snel te eten te geven.

In vergelijking met de hout- en gasgestookte ovens waar ik in 2019 over schreef, heeft de P134H belangrijke voordelen. De oven is goed geïsoleerd en de behuizing wordt niet te heet. Deze is dus veilig als een van mijn kleine dochters de oven zou aanraken. De oven is elektrisch, dus kan binnen gebruikt worden. Ondanks het forse vermogen van 2,8 kW kan de oven gewoon op een normaal stopcontact in mijn keuken worden aangesloten. Je bent ook niet afhankelijk van brandstof zoals gas, hout of houtpellets. De elektriciteit waar de oven op draait kan duurzaam worden geproduceerd, terwijl gas normaliter niet duurzaam is en hout vaak van ver weg moet worden aangevoerd. Met elektriciteit is het resultaat ook zeer consistent, terwijl de wind buiten het gedrag van mijn Ooni 3 vaak onberekenbaar maakte.

Er worden twee stenen met de oven meegeleverd: een dikke voor het bakken van pizza en een dunne voor het bakken van andere zaken. De dunne steen is ongeschikt voor het bakken van pizza op hoge temperatuur, de onderkant van de pizza verbrandt dan. Waarom dit zo is begrijp ik nog niet, omdat de Ooni 3 ook een dunne steen gebruikte. De dunne steen warmt wel sneller op dan de dikke steen, die doet er ongeveer drie kwartier over om de 450 °C aan te tikken. Ik weet dit omdat ik de temperatuur meet met een infraroodthermometer.

Hoewel het niet beschreven wordt in de handleiding van de P134H, is het belangrijk om het vocht uit de steen te halen voordat deze in gebruik wordt genomen. Zo wordt voorkomen dat de steen kan breken. Dit wordt gedaan door de steen in fases tot steeds hogere temperaturen te verwarmen in de oven.

De P134H heeft twee verwarmingselementen, een boven en een onder, waar de steen op geplaatst wordt. Beide verwarmingselementen zijn afzonderlijk in te stellen. Ik heb gemerkt dat ik goede resultaten krijg met 350 °C boven en 450 °C onder. Als beide elementen op 450 °C zet, merk ik dat de onderzijde van de pizza nog niet lang genoeg heeft gebakken, terwijl de bovenzijde dan al de oven uit moet om verbranding te voorkomen.

De P134H bakt goede pizza’s die nauwelijks onderdoen voor wat je krijgt uit de steenovens van de betere pizzeria’s. Terwijl in een steenoven de pizza gedraaid moet worden omdat het brandende hout achterin de oven ligt, is dit in de P134H niet nodig. De verwarmingselementen verdelen de hitte heel gelijkmatig.

Wat ook goed in de P134H kan is andere gerechten bereiden, zoals farinata. Eerdere pogingen om dit te doen in mijn Ooni 3 mislukten jammerlijk, de heftige vlam in die oven verbrandde mijn farinata toen. In de P134H kan farinata perfect bereiden in de traditionele ronde teglia pan die ik speciaal voor dit gerecht gebruik. Brood bakken is ook een interessante mogelijkheid, maar daarvoor zou de P134HA de betere keuze zijn. Deze heeft een hogere ovenkamer. In de P134H zou brood, met uitzondering van platbrood, al snel te dicht op het bovenste verwarmingselement zitten.

Het enigste nadeel van de P134H is het gewicht. De omvang van de oven is redelijk compact, maar het gewicht van 23 kilo is fors. Mijn Ooni 3 had ik nog op zolder opgeborgen en kon ik makkelijk de trap op en af tillen, maar de P134H staat beneden in een kast onder de trap. Van die plek is het maar een paar meter tillen naar het aanrecht. Voor mij gaat dat zonder problemen, maar misschien is dit voor anderen te zwaar.

Voor mijn P134H betaalde ik € 500 plus € 130 voor verzending naar Nederland. De aankoop moest ik per e-mail regelen met Effeuno, omdat zij in december 2020 via hun webwinkel alleen naar Italië, Frankrijk, Oostenrijk en Duitsland verzonden. Omdat het een zware oven is werd deze door een koeriersdienst met vrachtwagen afgeleverd op een kleine pallet.

Hoewel de P134H de perfectie dicht nadert, doet Effeuno dat verre van. De Engelse handleiding van de P134H is slecht vertaald uit het Italiaans. Hun website is nog steeds niet volledig vertaald naar Engels. Verscheping naar andere landen dan de eerder genoemde vier kan nog steeds niet via het automatische bestelproces in hun webwinkel. Hun klantenservice is niet altijd even snel met antwoord op e-mails en lijkt vanuit een ouderwetse mailbox te werken in plaats van software voor klantenservice met casusnummers. Het meest vervelende was echter dat mijn dikke ovensteen gebroken in twee delen arriveerde.

Effeuno heeft zich ingespannen om mij een vervangende steen te sturen. De tweede steen kwam ook gebroken aan. Ik vertelde ze toen dat het verpakkingsmateriaal van karton en piepschuim onvoldoende bescherming bood. Dit materiaal om de steen tegen schokken en vallen te beschermen was blijkbaar niet opgewassen tegen de omgang met de doos tijdens het transportproces. Deze boodschap landde niet en ook de derde steen kwam in dezelfde verpakking gebroken aan. Toen vertelde ik Effeuno dat ik het daar liever bij wilde laten en dat ik de eerste steen toch zou gebruiken in mijn oven. Deze had immers een relatief nette breuk die beperkt zichtbaar is als de twee delen goed tegen elkaar aan zijn geschoven in de oven.

Ik vermoed dat Effeuno door het steen debacle helaas geen winst heeft overgehouden aan mijn order. Sinds ik de gebroken steen gebruik heb ik er geen problemen mee gehad, aangezien ik deze nooit uit de oven haal. Mocht dat in de toekomst anders worden, dan kan ik altijd nog elders een steen regelen.

Ondanks deze kanttekeningen ben ik onder de streep genomen erg onder de indruk van mijn P134H. Waar ik al snel beperkingen ervoer bij eerdere ovens die ik gebruikte, heb ik dat niet bij deze oven. De oven kan nog verder verbeterd worden door een geïntegreerde thermometer (wat Effeuno inmiddels ook gedaan heeft met de P134H Evo) en een lichter gewicht, maar ik ben nu al heel tevreden. Ik heb nu geen wens meer om naar een nog betere oven op zoek te gaan omdat dit een topproduct is.

Het hogesnelheidsspoor in Frankrijk moet sneller

In mijn vorige verhaal schreef ik over mijn vakantie in Biarritz, maar ik wil hier graag afzonderlijk reflecteren over de hogesnelheidstrein die ik gebruikte voor de reis naar die stad.

Eerst gebruikte ik de tram en metro om van Den Haag naar Rotterdam te reizen. In Rotterdam gebruikte de Thalys om over de hogesnelheidslijn door Antwerpen en Brussel naar Parijs te reizen, met Gare du Nord als eindbestemming. Niet geheel verrassend ligt dit station ten noorden van het centrum van Parijs. Toen was het nodig om met metrolijn 4 van Gare du Nord naar Gare Montparnasse te reizen, wat ten zuidwesten van het centrum ligt. Daar gebruikte ik de TGV hogesnelheidstrein om door Bordeaux, Dax en Bayonne te reizen voordat ik uitstapte bij Biarritz.

De reistijden waren als volgt:

  1. De reis tussen Rotterdam en Gare du Nord kostte 2:37 uur voor de heenreis en 3:05 voor de terugreis.
  2. De overstap en wachttijd in Parijs bedroeg 1:12 uur voor de heenreis en 2:14 voor de terugreis.
  3. De reis tussen Gare Montparnasse en Biarritz kostte 4:16 uur voor de heenreis en 4:13 voor de terugreis.

Ik merkte een aantal dingen op. De reistijd tussen Rotterdam en Gare du Nord varieerde nogal. Om de een of andere reden suggereert Google Maps een reis die een andere metrolijn met de bus combineerde, in plaats van alleen metrolijn 4. De overstap met metrolijn 4 vereiste niet meer dan 20 minuten voor de metro zelf en 20 minuten voor het lopen van de metro naar de treinstations. Vooral op de terugreis werd daar veel tijd verspild. In tegenstelling tot de TGV Euroduplex is de Thalys geen dubbeldekstrein, dus instappen is minder efficiënt. Omdat de Thalys veel langer is hebben passagiers meer tijd nodig om naar hun wagon te lopen op de perrons.

Volgens The Train Line is de afstand tussen Rotterdam en Gare du Nord 370 kilometer en de afstand tussen Gare Montparnasse en Biarritz 668 kilometer. De maximumsnelheid van de TGV Euroduplex (op normale commerciële routes) is 320 kilometer per uur, welke daadwerkelijk bereikt werd (het wordt op monitoren in de trein getoond) tussen Parijs en Bordeaux. De afstand tussen Parijs en Bordeaux is 499 kilometer en het kost de TGV Euroduplex gemiddeld 2:20 uur om die afstand af te leggen.

Met deze informatie kunnen we de gemiddelde snelheid over de trajecten berekenen:

  1. Rotterdam naar Parijs: 141 km/u (uitgaande van 2:37 uur reistijd)
  2. Parijs naar Bordeaux: 214 km/u
  3. Bordeaux naar Biarritz: 90 km/h (uitgaande van 1:53 uur reistijd)

Het is logisch dat de route van Rotterdam naar Parijs langzamer is dan Parijs naar Bordeaux omdat de eerste route stops heeft in Antwerpen en Brussel, terwijl de tweede geen stops heeft. Maar dat verklaart niet het volledige verschil. Op de route merkte ik dat de Thalys ook significant vertraagde op punten in België waar je het niet verwacht, naast het deel van de route dat door Antwerpen en Brussel heen gaat en waar geluidsoverlast mogelijk een factor is. De route tussen Bordeaux en Biarritz is ellendig traag, maar dat is omdat de TGV over gewoon spoor rijdt in plaats van toegewijd hogesnelheidsspoor.

De reis van Parijs naar Bordeaux is snel, maar de volledige reis is veel te traag. Als we onze klimaatdoelen willen behalen en vliegtuigpassagiers willen overhalen om de trein te nemen, moet dit verbeterd worden.

Mijn verbeterplan zou er als volgt uitzien:

  1. Stop met de Thalys en laat een TGV Euroduplex (tegen de tijd dat dit plan is geïmplementeerd is dat waarschijnlijk de opvolger, de Avelia Horizon) rijden van Amsterdam naar bestemmingen in Frankrijk en verder.
  2. Bouw een nieuw TGV-station voor alle TGV-treinen die stoppen in Parijs, zodat een overstap naar een ander station in Parijs niet meer nodig is. Dit is al het geval in Madrid, waar er een tunnel is aangelegd tussen de stations Chamartin en Atocha voor hogesnelheidstreinen. Zo’n TGV-station zou uiteraard gebouwd moeten worden naast de buitenwijken van Parijs en vereisen dat passagiers meer tijd kwijt zijn om naar het centrum van Parijs te reizen, met als voordeel dat het TGV-verkeer om Parijs heen sneller zou zijn.
  3. Begin eerder met het bouwen van hogesnelheidsspoor van Bordeaux naar de Spaanse grens. Spanje is al veel dichter bij de voltooiing van hun hogesnelheidsspoor naar de Franse grens (2023 in vergelijking met 2032). De voortgang van de LGV Montpellier–Perpignan is zelfs nog trager. Dat is de laatste ontbrekende schakel van 150 kilometer in het Franse hogesnelheidsspoor naar Spanje aan de Mediterrane zijde. Die route zal operationeel zijn in 2040, wat beschamend is.
  4. Verminder het aantal stops na Bordeaux door de stop in Dax te schrappen. Dit is maar een dorp met iets meer dan 20,000 inwoners. Schrap de stop bij Biarritz ook, omdat Bayonne groter is en toch al erg dicht bij Biarritz ligt. Deze stops bij kleine dorpen vertragen de reis terwijl ze weinig opleveren.

Laten we aannemen dat al deze maatregelen worden gerealiseerd en dat het mogelijk is om een gemiddelde snelheid van 200 km/u te halen, inclusief stops. Als we er van uitgaan dat de afstand tussen Amsterdam en Madrid over het spoornetwerk ongeveer gelijk is aan de 1.800 kilometer over de weg, dan kan een treinreis van Amsterdam naar Madrid in negen uur gedaan zijn. Het zal zeker duur zijn, maar het is een kwestie van politieke wil. Spanje heeft al laten zien dat het mogelijk is omdat het hogesnelheidsnetwerk daar veel uitgebreider is. Spanje is het ook nog steeds significant en snel aan het uitbreiden, terwijl Frankrijk achterop raakt. Als we een excellent hogesnelheidsnetwerk in Frankrijk dat kan concurreren met luchtvaart serieus willen nemen is het essentieel dat deze verbeteringen worden geïmplementeerd.

Vakantie Biarritz in september 2021

Vroeger ging ik vaak surfen bij Scheveningen, een paar dagen per maand ongeveer. Ik stopte daarmee toen onze eerste en tweede dochter werden geboren, omdat ik er niet genoeg tijd meer voor had. Een andere reden was dat Hart Beach, mijn surfschool daar, stopte met de lessen die ad hoc werden georganiseerd op dagen met goede golven. In plaats daarvan zouden zij lessen organiseren op een specifieke datum en tijd, met skateboarden als alternatief als er slechte golven waren. Dit trok mij niet aan en daarom stopte ik compleet met hun lessen. Mijn voornemen om dan maar alleen een plank te huren kwam niet van de grond vanwege de schaarse dagen met goede golven en mijn onmacht om die dagen op te merken en te gaan surfen.

Ik vind surfen echter nog steeds geweldig leuk. Ik keek weer uit naar een surfvakantie in Frankrijk, Portugal of Spanje, waar de golven zoveel beter zijn dan in Scheveningen. In september 2017 bezochten wij Peniche in Portugal en hadden wij goede golven. In mei 2019 bezochten wij Capbreton in Frankrijk, wat ook goede golven had moeten hebben. De World Surf League (WSL) organiseert de wereldkampioenschappen immers in het aangrenzende Hossegor. In plaats daarvan kregen we matige golven in mei. Ik dacht dat we in de verkeerde tijd van het jaar waren gekomen en dat het beter was geweest om in september en oktober te komen (wanneer de WSL hun evenementen daar daadwerkelijk houdt).

Ik vroeg Stephanie of ze het goed vond als ik op surfvakantie ging voor zes dagen in september, omdat ze zelf niet houdt van surfen. Zij vond het lastig om alleen met onze twee dochters te zijn, maar was toch zo lief om mij te laten gaan. Ik weet niet of dit normaal is voor jonge ouders, maar ik weet wel dat het geen probleem was voor mijn ouders. Mijn moeder zorgde voor ons als mijn vader een week op wintersportvakantie ging met zijn vrienden, ieder jaar. Vice versa zorgde hij voor ons als mijn moeder op vakantie ging met haar vriendinnen.

Omdat de Spaanse spoorwegen (Renfe) was gestopt met de nachttrein van Irun naar Lissabon wegens COVID19 waren mijn opties deze keer meer beperkt. Ik sta er immers op dat ik geen vliegtuig gebruik en wilde niet meer dan twee dagen besteden aan de heen- en terugreis. Ik besloot wederom naar Frankrijk te gaan, Biarritz deze keer. Biarritz is een leukere plaats om te verblijven dan Capbreton of Hossegor omdat het een grotere stad is met meer karakter is dan die twee kleinere dorpen.

Voordat ik besloot te gaan in september raadpleegde ik eerst de statistieken van Magic Seaweed. In september zou het stand van Côte des Basques aan de zuidzijde van Biarritz 60% kans hebben op dagen met surfbare golven. Misschien niet zo goed als de 82% voor het strand van Cantinho da Baia aan de noordzijde van Peniche, maar zeker beter dan de 9% voor Scheveningen.

Toen ik arriveerde in Biarritz betaalde ik voor een intensieve surftraining (twee lessen van negentig minuten iedere dag) bij de Jo Moraiz Surf School. Dit was voor alle vier dagen die ik verbleef in Biarritz. Deze school, net zoals een aantal anderen, geeft hun surflessen aan de noordelijke kant van Côte des Basques, waar het beschut is door land dat verder de zee in reikt en de golven beter zouden zijn. Zelfs in september (wanneer het minder druk is dan de zomermaanden) is deze plek erg druk, met veel surfscholen die hier concentreren. Vaak moest ik een poging een golf te pakken dan ook afbreken omdat er mensen voor mij lagen of omdat ik een drop in riskeerde op anderen die voorrang hadden voor een golf.

Dit strand is ook zeer beperkt door de getijden, omdat het verdwijnt bij vloed. Bij vloed is hier niet te surfen omdat je een botsing met de rotsen riskeert. Vanwege deze beperking had ik op drie dagen twee surflessen achter elkaar zonder pauze. Niets wat ik niet aankon, maar het is moeilijker om golven te pakken als je al moe bent van het peddelen na de eerste les.

Wat voor mij het meest belangrijk was is de kwaliteit van de golven. Helaas bleken deze aan de matige kant te zijn. De meeste golven die ik zag waren closeout golven, die tegelijkertijd over hun gehele breedte snel broken. Deze zijn niet geschikt om op te surfen. In het slechtste geval resulteerden deze in een nare wipeout, waarin ik van mijn surfplank val en paar keer onderwater over de kop ga. In het beste geval kreeg ik een saaie rit rechtdoor naar het strand, zonder mogelijkheden om te manoeuvreren op de golf.

Surfbare golven zijn left handers, right handers of a-frames. Deze breken respectivelijk naar links, rechts of beide kanten op vanuit het perspectief van de persoon die er op surft. Ik zag maar zeer weinig van deze golven en merkte op dat iedereen hier moeite mee had, het was moeilijk om een goede golf te pakken. Op een dag waren de golven hoog, tot twee meter, op een andere dag een meter, maar ze leken zich hetzelfde te gedragen in closeouts. Op de laatste dag was de zee grotendeels te plat en te rommelig om een golf te kunnen pakken.

Tot mijn teleurstelling kreeg ik geen golven die beter waren dan de golf die ik eens surfde op een stormachtige herfstdag in Scheveningen. Ik wist een mooie left hander te pakken relatief ver van het strand en kon daar minstens vijf seconden op surfen. In dat moment leek de tijd te stoppen terwijl ik in staat van flow zat. Ik surfde op die golf alsof ik Poseidon zelf was, hoewel die golf nog tam was bij de standaarden van betere surfplekken. Ik had gehoopt meer van dat soort ervaringen te hebben in Biarritz, maar dat is niet gebeurd.

Ik vroeg mijzelf af, waar zijn die makkelijke golven die geschikt zijn voor longboarders, die langzaam breken en het toestaan om er lang op te surfen? Het soort golf dat je ziet in deze video van Batu Bolong op Bali? Na wat zoeken kwam ik er achter dat de 2018 Longboard Pro, georganiseerd door de WSL, op Côte des Basques werd gehouden van 7 tot 10 juni in 2018. Juni, een van de maanden met de minste kans op goede golven daar volgens de statistieken van Magic Seaweed. Maar in de highlight video voor dat evenement zie ik een aantal mooie golven. Ik had betere golven voor september verwacht, maar ik neem aan dat goede golven erg afhankelijk zijn van geluk. Ik zie dat de WSL acht of meer dagen reserveert voor hun evenementen zodat ze de dag met de beste golven er uit kunnen kiezen voor hun kampioenschappen. Blijkbaar waren mijn vier dagen niet genoeg en had ik gewoon pech.

Ik denk dat ik niet in staat was om mijn vaardigheden significant te verbeteren vanwege de matige golven in Biarritz. Wat ook niet hielp was dat de surfschool niet aan mijn verwachtingen voldeed. De instructeurs en het andere personeel van de Jo Moraiz Surf School waren allemaal vriendelijk, maar ze deden niet genoeg moeite om hun klanten te leren kennen. De instructeur met wie ik op de eerste dag begon paste zijn adviezen goed aan op mijn ervaring, maar toen ik twee lessen had met andere instructeurs moest ik mijn niveau opnieuw aan hen uitleggen. Dit had vermeden kunnen worden met een goede kennismakingsprocedure en het van te voren inlichten van de instructeurs. Iedereen kon Engels praten, maar op sommige momenten was er toch een taalbarrière.

Tijdens twee lessen was er zelfs geen instructeur voor de groep in de groene (ongebroken) golven waar ik in zat, alleen een voor de groep beginners in de witte (al gebroken) golven. In feite kreeg ik dus niet waarvoor ik had betaald en had ik op die momenten dus beter alleen een wetsuit en plank kunnen huren.

Nog meer problematisch was dat ze niets vertelden over surf etiquette en peddeltechniek. Dat laatste laat zich vergelijken met een kind dat leert fietsen niet vertellen dat het vaart moet maken om niet om te vallen. Zoals Kale Brock en Rob Case ons vertellen op YouTube is peddelen een essentiële vaardigheid en maakt het een groot verschil als er efficiënt gepeddeld wordt. Het grootste deel van een surfsessie bestaat immers uit peddelen.

In hun verdediging, deze surfschool ontving veel mensen voor een of twee incidentele lessen, niet een volledig intensief programma van vier of vijf dagen. Ik begrijp dat je niet zoveel tijd kunt besteden aan het uitleggen van surfetiquette en peddeltechniek, maar ik denk ook dat het geen excuus kan zijn. Als het in een YouTube video van een paar minuten kan worden uitgelegd, kan je de onderwerpen ook in vijf of tien minuten in je les toelichten.

Hoewel het niet slecht was, zou ik de Jo Moraiz Surf School niet aanraden. Ik weet niet hoe ze verhouden met de andere surfscholen in Biarritz, maar vergeleken met de instructeurs van Hart Beach of het surfkamp in Peniche was het niet goed genoeg. In dat surfkamp volgden de instructeurs de voortgang van hun klanten. Er was een videoanalyse en adequate theoretische uitleg over surfen, hoewel zij ook niet veel aandacht besteedden aan peddelen. De volgende keer zal ik meer kritische vragen stellen aan surfscholen om te bepalen of ze het waard zijn. Misschien ga ik naar een surfkamp of huur ik enkel een wetsuit en plank. Ik ben van plan om weer meer bij Scheveningen te surfen zodat ik niet uit vorm aan mijn surfvakanties begin.

Deze post is nogal lang geworden, maar ik wil het positief eindigen. Hoewel het niet is wat ik er van verwacht had en de golven teleur stelden, heb ik er toch van genoten. Voor mij is het tot op zekere hoogte altijd leuk is om in het water te zijn. Het beste van deze vakantie was mijn gezelschap, mijn vader. Hij ging niet mee om te surfen, maar om te fietsen in de omgeving van Biarritz. Het was erg leuk om zoveel tijd met hem te besteden. Deze surfvakantie laat mij laat verlangen naar een volgende surfvakantie in 2022. Ik wil nose riding op een longboard leren en ik wil leren surfen op een shortboard. Misschien zelfs gebarreled worden als mijn geluk en vaardigheden het toestaan.